Concertserie Theodorakapel Zwolle

Vanaf begin 2020 organiseert In Goede Handen Management een aantal nieuwe klassieke concerten in de prachtige kapel in Zwolle.

de Theodorakapel

In 1904 begint de geschiedenis van de kapel: burgemeestersdochter Theodora Ludovica Vos de Wael laat haar woning en een legaat van vijfduizend gulden na aan de parochie Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming. Op de plek van haar woning aan de Harm Smeengekade worden een klooster (met kapel) en een pension gesticht voor oudere vrouwen, later ook voor mannen. Zij worden verzorgd door de uit Maastricht afkomstige zusters Carolus Borromeus, in de volksmond ook wel de zusters van Onder de Bogen genoemd.

Nieuwbouw in de jaren zeventig en 2007

Het Onze Lieve Vrouwenpension maakt in de jaren zeventig plaats voor de hoogbouw van bejaardenoord Nieuwe Haven, wat in 2007 weer resulteerde in nieuwbouw van het woonzorgcentrum Nieuwe Haven aan de Burgemeester Vos de Waelstraat. Ondanks alle veranderingen om haar heen, blijft de kapel behouden: een rustpunt en plek van bezinning voor velen.

De kapel krijgt een naam

De kapel wordt in 2001 tijdens een dienst opnieuw ingewijd door kardinaal mgr. Simonis. De toen nog naamloze kapel krijgt dan ook haar huidige naam op de gevel. In dat jaar wordt ook de Stichting Vrienden van de Theodorakapel opgericht. Zij wil de kapel voor de toekomstige generaties behouden ter nagedachtenis aan Theodora Vos de Wael.

Een bijzondere vondst

In de kapel wordt in 2007 een piëta gevonden. Het beeld van de treurende Maria, met in haar armen de stervende Jezus, is verborgen achter een blinde muur, in een nis aan de linkerzijde van de kapel. Het beeld is rond 1900 gemaakt door de kunstenaar Bokhoven. Het verhaal gaat dat medio jaren zestig één van de arbeiders die in de kapel werkte het beeld wilde beschermen tegen een tweede beeldenstorm (Vaticaanse Concilie) en het beeld daarom inmetselde in de nis.

Theodorakapel wordt zichtbaar

Herontwikkeling en nieuwbouw zorgen ervoor in 2018 dat de Theodorakapel letterlijk en figuurlijk zichtbaar wordt voor de inwoners van Zwolle. Het oude klooster maakt plaats voor huur- en koopappartementen met elementen die refereren aan het kloosterverleden. Het complex heeft een open verbinding met de prachtig aangelegde binnentuin (naar ontwerp van Mien Ruys) van het woonzorgcentrum Nieuwe Haven. De kapel vormt zo het hart van een omgeving waar wonen, samenleven en delen bij elkaar komen.

Plek voor bezinning, cultuur en ontmoeting

Door vele betrokken Zwollenaren is hard gewerkt om de kapel te behouden. De Theodorakapel is in 2019 flink gerenoveerd en in oude luister hersteld. De Theodorakapel is vanaf juni 2019 beschikbaar voor een breed Zwols publiek. De kapel wordt gebruikt voor (kleinschalige) activiteiten op het gebied van bezinning, cultuur en ontmoeting aangevuld met vele mogelijkheden voor bijvoorbeeld verhuur en bijzondere projecten.

Adres

Theodorahof 20, 8011 AA Zwolle

Bereikbaarheid

De kerk is te bereiken lopend vanaf station Zwolle of per bus (halte Katerwoldeplein/Centrum) of per auto: Neem op de A28 afslag 19 Zwolle-centrum en volg de borden Centrum. Sla rechtsaf de Pannenkoekendijk op. Zoek nu een parkeerplek in een parkeergarage.

Passe-partout kaarten

Voor de zeven concerten per locatie samen, krijgt u extra korting in de voorverkoop en betaald u een bundelprijs van slechts € 140,- De passe-partout kaarten zijn verkrijgbaar tot twee dagen voor een concert.
Kies bij het bestellen de passe-partout kaarten als eerste de juiste locatie!


Help mee deze concerten mogelijk te maken, steun onze CrowdFunding en

Hieronder de komende concerten en een overzicht van de concerten die al zijn geweest.

Two of a Kind

Zaterdag 27 juni 2020 20.00 uur

Helaas is deze uitvoering afgelast i.v.m. het Coronavirus!!

Het cello-duo Two of a Kind, bestaande uit Hanne Steffers en Sebastiaan van der Bergh brengen in vier concerten een laatromantisch programma met werken van Klengel, Eberst, Casadó en Popper.

Wie gedacht had dat het concert zal bestaan uit twee stemmige inventies, komt bedrogen uit. Met vele dubbelgrepen lijkt het vaak of alle twaalf cellisten van het Wiener Symfoniker voor je zitten. De buitelende muziek met duidelijke op Barokmuziek geïnspireerde fragmenten van Julius Klengel worden opgevolgd met de laatromantische emoties van Jakob Eberst, beter bekend onder de naam die hij in Frankrijk had aangenomen: Jacques Offenbach. De grenzen van het mogelijke op een cello worden opgezocht in twee solo suites die Hanne en Sebastiaan apart spelen van de componist en docent Casper Cassadó. Eigenlijk niets anders dan twee op- en uitgeschreven improvisaties. Beide cellisten zullen hiermee duidelijk hun visitekaartje achter laten: deze twee zijn niet zomaar Two of a Kind, nee, ze behoren absoluut tot de top.

Komende concerten:

Wiener potpourri

Vrijdag 25 september 2020 20.00 uur

Annelies Schraa (csakán) en Michiel Niessen (gitaar) in een programma met muziek van Diabelli, Krähmer, Giuliani en Bosisio waarin de Czaskán centraal staat: de romantische opvolger van de blokfluit.

De blokfluit - wie kent dit instrument niet? En allemaal weten we uit de geschiedenisboekjes dat dit instrument zijn hoogtijdagen vierde in de Barok, na een hele lange aanlooptijd, die volgens archeologische vondsten al duizenden jaren geleden begon, bij de eerste mensen in Europa die aan kunst begonnen te doen. Maar ook weten we dat de dagen van de blokfluit geteld waren, na de Barok; de dwarsfluit, de hobo en de klarinet verdrongen de ‘flauto dolce’ met hun hogere decibelproductie.

De blokfluit bleef na de Barok gewoon doorbestaan, en deed wat zovelen doen onder bedreiging: een andere naam aannemen, een andere woonplaats zoeken, een andere verschijningsvorm tonen.

De blokfluit dook onder in Wenen, en werd de Csakán... Een naam ontleend aan een oude Hongaarse strijdbijl, later gestileerd tot wandelstok. De wandelstok werd tot metgezel op reis, en om op reis ook muziek te kunnen maken, werd de wandelstok tegelijkertijd blokfluit, met een af schroefbaar stok-gedeelte, en een opschroefbare klankbeker. En juist die ‘Wanderlust’ maakte het instrument in Wenen weer ongekend populair.

Het spannende verhaal van een bijna verloren gegaan instrument, de herontdekking van een groot stuk repertoire, dat ten grondslag ligt aan de Klassieke muziek zoals wij die nu kennen…

En dat alles voor de blokfluit en gitaar. Sommige instrumenten zit het ook altijd mee.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Zielroerend & bekoorlijk

Vrijdag 16 oktober 2020 20.00 uur

Martijn van Dongen op traverso, Markus Friemel op blokfluit, Mariette Akkerman op klavecimbel en Inja Botden op barokcello spelen een prachtig programma met muziek van de componisten Telemann, Händel, Froberger en Quantz.

Een nieuwe smaak in de Barok In zijn Versuch einer Anweisung die Flöte traversière zu spielen (1752) roemt Johann Joachim Quantz het vermogen van zijn Duitse collega’s om de Italiaanse en Franse smaak over te nemen. De ideale muzikale stijl bestaat uit de beste elementen van alle volken, meent deze hofmusicus van Frederik de Grote.
Als eerste die de werken van `deftige uitheemsche Componisten’ tot voorbeeld neemt, noemt hij Johann Jakob Froberger. Deze maakte reizen naar vrijwel alle belangrijke muziekcentra in Duitsland, Italië, Frankrijk en Engeland, en nam alle componeerstijlen in zich op, om ze weer door te geven aan latere Duitse componisten, onder wie Händel.
Georg Friedrich Händel, die eveneens op jonge leeftijd naar Italië reisde en daarvan de invloed onderging, kan met recht een kosmopolitisch componist genoemd worden: hij verenigt Duits contrapunt met Franse dansvormen en Italiaanse vocale lijnen. In 1701 maakte hij, 16 jaar, kennis met de niet veel oudere Georg Philipp Telemann.
Ook Telemann wordt door Quantz genoemd als een van die componisten die de Duitse muzikale smaak heeft weten te `beschaaven’: haar met Italiaanse en Franse karakteristieken `gemengeld’ heeft, en daardoor getransformeerd van `vrij plat, droog en mager’ tot `zielroerend en bekoorlijk’.
Dit was reden voor deze vier musici om een prachtig programma samen te stellen rond de componisten Quantz, Froberger, Händel en Telemann.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Oboe virtuosi

Vrijdag 6 november 2020 20.00 uur

Hanna Lindeijer (barokhobo), Edoarda Valorz (klavecimbel) en Inja Botden (barokcello) in een programma waar de barokhobo centraal staat.

De familie Hotteterre bouwde de eerste barokhobo, waarna diverse bouwers het instrument verder ontwikkelden. In het eind van 17e en begin van de 18e eeuw maakte de barokhobo een enorme ontwikkeling door en werd erg populair. Voor het eerst kon op een dubbelrietinstrument zowel hard als zacht worden gespeeld en kon door de toonvorming met het instrument affectie en emoties worden uitgedrukt, iets dat op het toen bestaande hoge dubbelrietinstrument -de schalmei- vrijwel onmogelijk was. Imitatie van de menselijke stem was in de barok het klankideaal voor muziekinstrumenten. De barokhobo voldoet daar bij uitstek aan. In diverse composities met zang is de hobo dikwijls de “andere” stem zodat je kunt spreken van een duet met de zanger of zangeres.

In een programma met virtuoze muziek van Telemann, Sanmartini en Matthes laat Hanna horen waarom dit prachtige instrument zo geliefd was en is in de barokmuziek. Begeleid door twee topmusici speelt zij sprankelende versieringen of doordrongen melodische lijnen op het mooie instrument: de barokhobo.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Two of a Kind

Vrijdag 26 februari 2021 20.00 uur

Het cello-duo Two of a Kind, bestaande uit Hanne Steffers en Sebastiaan van der Bergh brengen in vier concerten een laatromantisch programma met werken van Klengel, Eberst, Casadó en Popper.

Wie gedacht had dat het concert zal bestaan uit twee stemmige inventies, komt bedrogen uit. Met vele dubbelgrepen lijkt het vaak of alle twaalf cellisten van het Wiener Symfoniker voor je zitten. De buitelende muziek met duidelijke op Barokmuziek geïnspireerde fragmenten van Julius Klengel worden opgevolgd met de laatromantische emoties van Jakob Eberst, beter bekend onder de naam die hij in Frankrijk had aangenomen: Jacques Offenbach. De grenzen van het mogelijke op een cello worden opgezocht in twee solo suites die Hanne en Sebastiaan apart spelen van de componist en docent Casper Cassadó. Eigenlijk niets anders dan twee op- en uitgeschreven improvisaties. Beide cellisten zullen hiermee duidelijk hun visitekaartje achter laten: deze twee zijn niet zomaar Two of a Kind, nee, ze behoren absoluut tot de top.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Stabat Mater

Vrijdag 26 maart 2021 20.00 uur

Het Stabat mater door het Pergolesi Ensemble is zo bijzonder omdat naast de twee vrouwenstemmen er saxofoons in plaats van strijkers gebruikt worden.

Dit fameuze Stabat Mater van Pergolesi, geschreven voor goede vrijdag, is niet alleen, naast Bachs Mattheus Passie, een veel gehoord paasoratorium, maar zeker ook het bekendste en mooiste Stabat Mater aller tijden. Deze versie voor twee vrouwenstemmen met saxofoonkwartet is geheel trouw aan het origineel en slaagt er ook steeds weer in tot tranen toe te ontroeren.

Pergolesi schreef dit werk kort voor zijn dood in 1736. Hij was toen 26 jaar oud. Hij schreef het stuk in Pozzuoli, het plaatsje waar hij zich teruggetrokken had vanwege zijn zeer slechte gezondheid. Pergolesi kreeg de opdracht om het Stabat Mater van Alessandro Scarlatti dat tot dan toe elke goede vrijdag in de kerk Maria dei Sette Dolori in Napels werd opgevoerd, te vervangen.

De tekst van het Stabat Mater is geschreven in de middeleeuwen door een onbekende dichter, vermoedelijk Johannes Fidenza (1221-1274), die later de naam Bonaventura aannam. Het stuk bestaat uit twaalf delen. De eerste zes beschrijven de pijn die Maria doorstaat terwijl ze haar zoon aan het kruis ziet hangen. De laatste zes delen worden gezongen vanuit een ‘ik’-persoon die de pijn die Maria voelt ook wil voelen.

Een verstillende muzikale tocht met de smart van een moeder onder het kruis van haar zoon. Een moment van verdieping in hoe wij omgaan met onze diepste pijn. De muziek raakt diepe, universele gevoelens, namelijk enerzijds een intense verdrietigheid, anderzijds ook overlevingskracht en optimisme.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Mauthausen liederen

Vrijdag 30 april 2021 20.00 uur

Het Theodorakis-concert van Hanneke Evink (zang) en Juul Beerda (accordeon) wordt gegeven in het kader van de dodenherdenking.
De Griekse componist Mikis Theodorakis, heeft de teksten van de Grieks-Joodse dichter, toneelschrijver en gevangene in Mauthausen, Iacovos Kambanellis op muziek gezet. Deze teksten over afscheid nemen en begrensde liefde zijn in de jaren 60 vertaald door Lennaert Nijgh en door Liesbeth List uitgevoerd. De composities worden op een inspirerende vertolkt in een voorstelling geregisseerd/bedacht door Allard van Lenthe.
Liederen met titels zoals ‘De vluchteling’, ‘De klokken van de hel’ en ‘Als je terug zult komen’ worden door Hanneke prachtig gezongen met haar donkere theatrale stem en geraffineerd begeleid op accordeon door Juul waarbij een glijder tussen twee tonen tot een technisch hoogstandje behoord. Een integer en tijdloos optreden vol overgave, waarbij de gevoelige snaar wordt geraakt ‘opdat wij niet vergeten’.
Na Mauthausen zijn er immers nog zoveel plekken op de wereld, waar mensen worden vervolgd, opgesloten en gemarteld wat ingrijpende gebeurtenissen zijn in een mensenleven waarin de liefde en hoop hen een houvast biedt.

Voor het optreden zal er een introductie gegeven worden over het leven van de Joodse kunstenares Charlotte Salomon aan de hand van zes reproducties die tentoongesteld worden het decor van het optreden.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Een smeltkroes van oude klanken

Vrijdag 4 juni 2021 20.00 uur

Speelgroep Carole et Brullare gaat u op een middeleeuwse wijze vermaken in een smeltkroes van oude klanken

De muzikanten van Carole et Brullare zijn allen creatieve geesten die op zoek gaan naar de oerkracht van de middeleeuwse muziek. Wereldlijke en kerkelijke muziek vloeien ineen en zo wordt de toehoorder ondergedompeld in een smeltkroes van oude klanken.

Carole et Brullare (=Gezongen dans en vrolijke gekheid) heeft begrepen hoe je echt heel oude muziek aan een publiek moet presenteren. Een veelvoud van liederen brengt ontroering en enthousiasme bij de toehoorder, die door de verhaallijn van het programma in een smeltkroes van oude klanken terechtkomt.

In vrolijke, originele kleding spelen en zingen de muzikanten met veel plezier en overgave. Ze schromen dan ook niet om het publiek uit te dagen om mee te doen. Tijdens het optreden brengen ze een veelvoud van gezongen en gespeelde melodieën uit vele landen, die met een simpele verhaallijn aan elkaar worden geregen. De afwisseling van klanken en stemmingen brengt de toehoorder in vervoering. De muzikanten, in vrolijke originele middeleeuwse kleding, zingen en bespelen veel verschillende instrumenten, die als een smeltkroes van oude klanken door de ruimte dansen.

Kies bij het bestellen van kaarten als eerste de juiste locatie!

Concerten archief:

Fanny & Felix

Woensdag 4 maart 2020 20.00 uur

Concertserie start met wervelend optreden

Woensdag 4 maart klonk er in de Theodorakerk in Zwolle de eerste noten van een nieuwe concertserie die in deze mooie kapel, nu weer zichtbaar, net buiten het centrum van Zwolle wordt georganiseerd. Te horen was het Tsjechische Mathilde Nostitz Quartet met het programma ‘Fanny & Felix’.

Felix Mendelssohn en zin muziek kennen de meeste muziekliefhebbers wel. Maar muziek van zijn zus, Fanny Hensel Mendelssohn, is veel onbekender. In de schaduw van haar broer heeft zij veel muziek geschreven waaronder een strijkkwartet gebaseerd op een eerdere pianosonate van haar.
Na een melancholiek romantisch eerste deel, waarin de liefde voor de muziek werd getoonzet, hoorde je de onrust in het tweede deel misschien ook wel de woede om de miskenning van haar talent als componist. De thema's buiten over elkaar heen en komen pas bij het eind tot rust. In de Romanze vloeien de melodie lijnen in elkaar over en na enkele uitspattingen van melodisch geweld komt alles tot rust in het eerste thema. Na wat samenvattingen van de hoogtepunten eindigde het deel met een berusting. Het laatste deel is een vrolijk geheel en geeft je een dansant gevoel. Ondanks dat is het een razernij van snelle noten en octaaf melodieën is, hondsmoeilijk om te spelen, laat het kwartet zich niet kennen en speelde het met kinderlijk eenvoud als of ze dat elke dag doen.
Het M. Nostitz Quartet begonnen dit programma met de Cappricio et Fuge van Felix en ook na de pauze speelde het Nostitz Quartet het strijkkwartet opus 44 nr. 1 in D van Felix Mendelssohn. Het eerste deel is een uitbundig en opgewekt gesprek tussen de vier instrumenten, zelfverzekerd geschreven en zorgvuldig gepolijst. Gevolgd door een zijdezacht Menuetto en een weemoedig langzaam deel. De briljante finale is een voortstuwend Saltarello, een wervelende dansvorm die ook al voorkomt in Mendelssohn Italiaanse symfonie.
Een daverende applaus volgde aan eind van het concert.